Typography

Column Jos de Jong - Voor het eerst sinds misschien wel vijftien jaar maakte ik weer eens gebruik van de trein. Ik moet altijd veel meeslepen voor mijn werk, pak altijd de auto en ‘geniet’ dagelijks van de vele files die Nederland rijk is. Gisteren niet; mijn hand zit in het gips, ik draag een mitella en dus is achter het stuur zitten in de auto tamelijk onverantwoord. Met een beetje onwennig gevoel, maar toch vrolijk gemutst stapte ik aldus met een retourtje Heemstede- Den Haag CS in de trein en belandde in een rustig uitziende coupé. Althans dat dacht ik.

Column Jos de Jong - Voor het eerst sinds misschien wel vijftien jaar maakte ik weer eens gebruik van de trein. Ik moet altijd veel meeslepen voor mijn werk, pak altijd de auto en ‘geniet’ dagelijks van de vele files die Nederland rijk is. Gisteren niet; mijn hand zit in het gips, ik draag een mitella en dus is achter het stuur zitten in de auto tamelijk onverantwoord. Met een beetje onwennig gevoel, maar toch vrolijk gemutst stapte ik aldus met een retourtje Heemstede- Den Haag CS in de trein en belandde in een rustig uitziende coupé. Althans dat dacht ik.

Naast mij begon een Rus met een lage en bombastische stem uitgebreid te telefoneren. Niet zo maar even vijf minuten of zo, nee gewoon een kwartiertje of misschien wel langer. Tegenover me zat een jonge vent die tamelijk luid en uitgebreid met een makelaar delibereerde of de prijs die hij waarschijnlijk voor een pand moest betalen, eigenlijk wel reëel was. Op de bank achter mij had een meisje liefdesverdriet en stak dat, met droevige stem en af en toe hevig snikkend in haar GSM, niet onder stoelen of banken. Ik geloof dat ik de enige was die zich ergerde aan al dat stomme telefoongedoe. Zoiets is schijnbaar gemeengoed geworden en geaccepteerd in de trein. Wat een rotherrie allemaal. Concentreren op mijn krant die ik eens uitgebreid in de trein wilde lezen, was godsonmogelijk. Sommige mensen kunnen dat, hè, schrijven, lezen, telefoneren, sms-sen, headsets op voor muziek, alles tegelijk en dan weten ze ook nog waar ze het over hebben. Ik zal wel van de oude stempel zijn, mij lukt dat niet.

Eindelijk Den Haag in zicht, onderneem ik een poging om naar de deur te lopen. Dat valt niet mee als je met een mitella loopt en je evenwicht probeert te bewaren in een trein die schokkend tot stilstand probeert te komen. Per ongeluk stootte ik met de punt van mijn schoen tegen een jongen die op de trap zat en die niet van plan was ook maar iets opzij te gaan. Met een ruk draaide hij zich om. “Hé mietje,  ken je nie ùitkèke!” Helaas, een buitenlander; ook dat nog, maar dan wel eentje met een echt Haags accent. Zijn driftige blik sprak boekdelen. “Sorry meneer, neem me niet kwalijk”, antwoordde ik en hield me verder maar wijselijk gedeinsd. Plots stond hij ook op, liep naar de deur en net op het moment dat de trein met een schok tot stilstand kwam, verloor ik mijn evenwicht een beetje en stootte, weliswaar zachtjes, verdomme wéér tegen diezelfde vent die zich vervolgens als een flits omdraaide. “Saudemietâh op man, wie denk je wel dajje bent. Denk jè soms dat dat zau maah ken hè; wat mot je nâh man. Rot op!”  Ik was te verbouwereerd om te reageren en ben ook maar blij dat ik mijn mond hield, zeker toen ik zag dat hij buiten het station werd opgewacht door een groepje allochtone (Haagse) vrienden.

Na een kwartiertje trammen in een overvolle tramde tram, was ik op de plaats van bestemming. Mijn afspraak verliep perfect en met goede moed toog ik een uur of wat later weer naar de tram en het station. Bij de tramhalte stond een grote groep, hoofdzakelijk (al weer) buitenlandse schoolkinderen die na school gewoon naar huis wilden. De tramchauffeur was zo’n typisch hondenkop-type (Kater? Ruzie met zijn vriendin? Niet geneukt?). Ongelooflijk onvriendelijk tegen die kids en, toen hij vond dat de tram vol was, sloot hij gewoon de deur en gaf de wachtende mensen, waaronder ik, te kennen “effe op de volgende trem te wache”. En, bèng, dícht ging de deur, zelfs voor de neus van een moeder van wie het kind al in de tram zat. Leuke jongens daar in Den Haag! Tien minuten later kwam de volgende tram waarin een meisje zelfs voor me wilde opstaan toen ze mijn mitella zag. “Ach, misschien is Den Haag toch zo slecht nog niet”, vatte ik Den Haag samen. 

De trein had vijf minuten vertraging, zo werd omgeroepen; uiteindelijk werden het er zo’n tien. Een stampvol perron met mensen waarvan de een nog chagrijniger keek dan de ander. Was er soms iets gebeurd? Nee, helemaal niks; het was de schijnbaar  gewone huis-tuin-en-keuken-blik van een met de trein reizende meute. De trein kwam binnen en het leek direct alsof er brand was uitgebroken waardoor mensen zich snel uit de voeten moesten maken. Uitstappend publiek kreeg nauwelijks de kans om uit de trein te stappen. De wrevelige, slechtgehumeurde, geïrriteerde en knorrige blikken namen woeste vormen aan. Aan alle kanten werd er geduwd en getrokken om toch vooral binnen te komen. Dat is niet echt lekker als je in het gips zit. Was dit nu personenvervoer of een veewagen waarin het vee met alle macht naar binnen wordt geduwd.   

De terugweg werd wederom gesierd door telefonerende mensen, gsm-geluiden en headsets. Iemand die via de telefoon een ander luidkeels de huid vol schold omdat hij niet was aangenomen voor een baan, een ander die een of ander rapport probeerde te verduidelijken, zakelijke gesprekken, veel flauw geleuter etc. Bovendien moest ik met mijn gipsen arm staan terwijl er wel een plaats vrij was. Een klein mannetje, bezette liggend vrijwel de hele bank, vrolijk pratend met zijn moeder die tegenover hem zat. Om weer geen consternatie te veroorzaken, heb ik maar niet gevraagd of ik daar even mocht zitten en bleef tot Heemstede maar gewoon staan, gezellig luisterend naar gsm-gekrakeel en telefoongeleuter. Eindelijk in Heemstede; de trein uit op weg naar de bus die net was vertrokken. De volgende kwam pas over een uurtje. Eindelijk dus mijn ochtendkrantje even lezen. Al met al duurde de gehele reis meer dan tweeënhalf uur.

Voortaan maar weer gewoon met de auto en lekker in de file. Alles beter dan de trein!